De basis: je eerste schets van een jas
Voordat je je verliest in de details van knopen of biezen, begin je met de fundering. Het tekenen van kleding begint altijd met de menselijke vorm eronder. Zie het als een paspop. Zonder een goede basis ziet zelfs de mooiste jas er zwevend of misvormd uit. Je wilt dat jouw getekende jas echt ‘valt’ op het lichaam.
Het menselijk figuur als anker
Je hoeft geen meester te zijn in anatomie, maar een basisbegrip helpt enorm. Teken eerst een simpele stickman of een gestileerde menselijke figuur. Voor meer diepgang in het tekenen van de basisfiguur, bekijk onze handleiding over modeltekenen. Let op de houding. Staat de persoon rechtop? Leunt hij tegen een muur? Deze houding bepaalt hoe de stof van de jas zich gedraagt. Een jas die over een gebogen rug hangt, krijgt andere plooien dan een jas op een rechte houding.
De contouren van de jas
Nu pak je de jas erbij. Denk aan de silhouetten. Is het een lange winterjas die tot op de enkels valt? Of is het een korte spijkerjas die net de taille raakt? Teken eerst de buitenlijn. Dit is de meest cruciale stap voor het bepalen van het type kledingstuk. Je creëert de omtrek van de jas.
Als je bijvoorbeeld een klassieke mantel tekenen wilt, let dan op de schouders. Deze zijn vaak gestructureerd en breed. Bij een sportiever model, zoals een regenjas ontwerpen, zijn de schouders ronder en vloeiender.
Plooien en valling: de magie van textuur
Een platte tekening van een jas lijkt dood. De ziel van het kledingstuk zit in hoe de stof beweegt. Plooien en kreukels geven diepte en suggereren het materiaal waar je mee werkt. Je bent nu bezig met het visualiseren van de stofvalling.
VIDEO: RAVEN jurk Deel 1: Patroon overnemen – La Maison Victor
Uitgelichte bronnen
Verken deze relevante bronnen om je kennis over Leer hoe je een jas tekent: eenvoudige stappen uit te breiden.
• Eenvoudige tekening van de Kerstman: leer stap voor stap hoe je …
Waar ontstaan plooien?
Plooien ontstaan altijd op plekken waar de stof onder spanning staat of juist te veel ruimte heeft. Denk aan de ellebogen, de oksels en de heupen als iemand zit of de armen beweegt. Bekijk digicarp.nl voor meer informatie over dit en andere onderwerpen.
• Bij de oksels: Hier trekken de stofbanen samen als je de armen optilt. Teken kleine, diagonale lijnen die naar de naad wijzen.
• Langs de sluiting: Als de jas dichtgeknoopt is, vouwt de stof langs de knopen naar binnen. Dit geeft een verticale structuur.
• Bij de rug: Een lange jas krijgt vaak verticale plooien vanaf de taille naar beneden, vooral als de stof wat zwaarder is.
Oefen met het verschil tussen een zware wollen stof en een lichte windjack. Een jas met capuchon schetsen vereist dat je de zwaarte van de stof rond de nek en schouders goed weergeeft. Zware stof valt recht naar beneden. Lichte stof golft meer.
De rol van schaduw
Licht en schaduw zijn je beste vrienden om die plooien diepte te geven. Licht valt op de bolle delen van de stof en schaduw verbergt zich in de dalen van de plooien. Je hoeft niet meteen te beginnen met ingewikkeld arceren. Een simpele donkere lijn in de holte van elke plooi maakt al een groot verschil. Dit helpt enorm bij het visualiseren van een gevoerde jas tekenen.
De details maken het verschil
Nadat de basisvorm en de valling goed staan, is het tijd voor de elementen die jouw jas uniek maken. Dit zijn de specifieke onderdelen van elk type jas. Of je nu een jas of een figuur tekent, elk onderwerp vereist aandacht voor detail, zoals bij het tekenen van een ballerina.
Kragen en revers
De kraag is vaak het eerste wat de aandacht trekt. Wil je een hoge opstaande kraag, zoals bij een motorjack? Of juist brede, puntige revers van een blazer? Zorg ervoor dat de kraag past bij de neklijn van de figuur die je tekent. De revers vouwen naar buiten; hun lijnen moeten de driedimensionaliteit van de borstkas volgen. Bij het maken van een winterjas met bontkraag moet de textuur van het bont duidelijk contrasteren met de gladheid van de jasstof.
Sluitingen en zakken
Knoppen, ritsen, drukkers – ze geven ritme aan je ontwerp. Teken ze niet allemaal perfect in een rechte lijn. Zelfs een kleine knoop kan de stof eromheen een beetje doen golven. Zakken zijn ook belangrijk voor de functie en de look. Zijn het opgestikte zakken (die je duidelijk ziet liggen op de stof) of ingezette zakken (die meer in de zijnaad verborgen zitten)?
Denk ook na over de mouwen. Wil je dat de mouwen strak om de polsen zitten met elastiek, of juist wijd en recht? De manier waarop de manchet eindigt, beïnvloedt de gehele proportie van de jas tekenen voor beginners.
Experimenteren met verschillende jasstijlen
Als je eenmaal de basis onder de knie hebt, daagt het jou uit om te variëren. Elke jas heeft zijn eigen karakter. Door bewust te kiezen welke elementen je benadrukt, stuur je het ontwerp.
De trenchcoat: tijdloze elegantie
Voor een trenchcoat schetsen focus je op de lengte, de stormflap over de schouder en de riem. De riem is cruciaal; deze creëert sterke horizontale lijnen die de taille accentueren en veel plooien rond de heupen veroorzaken als je hem strikt.
De stoere bikerjas
De bikerjack tekenen vraagt om hardere lijnen en meer metalen details. Denk aan schuine ritsen en epauletten op de schouders. De leertextuur is hier belangrijk; leer is stugger, dus de plooien zijn minder zacht en meer hoekig.
De sportieve hoodie of vest
Als je kiest voor een hoodie of vest tekenen, leg je de nadruk op comfort. De stof is vaak dunner en ‘draperend’. De capuchon valt losjes over de rug en de koorden bij de hals zijn speelse elementen die je kunt laten bewegen.
Van lijn naar leven
Het mooiste van je eigen creatie op papier zetten, is dat je niet gebonden bent aan wat er in de winkel hangt. Je kunt de mouwen precies zo lang maken als je wilt. Je kiest zelf de perfecte lengte voor de zoom. Het gaat erom dat je de visie die je in je hoofd hebt, vertaalt naar de pagina. Door te blijven oefenen met de valling en de details, zie je jouw getekende jas steeds meer ademen.
—
Veelgestelde vragen over jas tekenen
Hoe begin ik met het tekenen van de schouders van een jas?
Start met de natuurlijke lijn van de schouder van de persoon. Teken de schoudernaad van de jas iets breder dan de natuurlijke schouderlijn om het effect van de structuur van de jas te geven. Dit zorgt dat de jas ‘valt’ en niet vastzit aan het lichaam.
Wat is het verschil tussen een zware en lichte stof tekenen?
Zware stoffen (zoals wol of denim) vallen in brede, rechte plooien die dicht bij elkaar liggen. Lichte stoffen (zoals zijde of dun nylon) kreukelen in kleinere, golvende en vloeiende lijnen.
Moet ik altijd een persoon onder de jas tekenen?
Nee, je kunt ook een jas ‘los’ tekenen, alsof hij aan een kapstok hangt. Als je dit doet, moet je de zwaartekracht nog sterker laten werken. De naden die geen ondersteuning van het lichaam krijgen, zullen meer naar beneden trekken en de plooien zullen verticaal georiënteerd zijn.
Hoe maak ik de stoftextuur van leer duidelijk in mijn schets?
Leer heeft weinig zachte plooien. Accentueer de highlights (lichte plekken) op de bolle delen. Leer heeft vaak duidelijke, hoekige vouwen op de plekken waar het buigt, zoals bij de elleboog. Gebruik glanzende lijnen om het reflecterende oppervlak te suggereren.
