Portret

Gezichten tekenen met potlood: stap-voor-stap leren

Gezichten tekenen met potlood: stap-voor-stap leren
Foto: — · derietpen.nl

De basis: je materialen en je houding

Voordat je die eerste schets zet, staan we even stil bij de gereedschappen. Goed materiaal maakt het proces aangenamer. Je hebt geen dure set nodig om te beginnen. Een paar simpele potloden volstaan. De hardheid van het potlood bepaalt de donkerte en de textuur van je lijn. Dit is essentieel voor het creëren van diepte in jouw portrettekening.

Welk potlood gebruik je?

Ken je de H- en B-gradaties? Ze zijn jouw beste vrienden in de wereld van het grijswaarden.

• H-potloden (Hard): Deze geven lichte, fijne lijnen. Ze zijn perfect voor de eerste opzet, de ‘construction lines’ van jouw portret schetsen. Ze gummen makkelijk uit.

• B-potloden (Black): Deze zijn zachter en geven donkere, rijke tonen. Gebruik een B2 of B4 voor de schaduwen en de donkerste delen, zoals de pupillen of de lijnen rond de neus.

• HB-potlood: Dit is de middenweg, vaak goed voor de algemene middentonen.

Neem ook een goed kneedgummetje mee. Dit gummetje ‘lift’ het grafiet in plaats van het weg te vegen, wat helpt om zachte highlights te creëren in bijvoorbeeld de huidtextuur.

Leren kijken: anatomie is de sleutel

Veel beginnende tekenaars willen direct de details van de ogen of mond vastleggen. Dat is begrijpelijk. Maar een geloofwaardig gezicht ontstaat door een sterke onderbouw. Je moet de structuur begrijpen. Dit is waar de studie van de menselijke anatomie om de hoek komt kijken, maar we maken het simpel en praktisch.

De basisvorm van het hoofd

Begin nooit met een vierkant of een ovaal. Het hoofd is driedimensionaal. Zie het als een bol, met een plat vlak aan de voorkant, waar de gelaatstrekken op komen. Dit helpt enorm bij het tekenen van een hoofd in profiel of in driekwart aanzicht. Oefen met het tekenen van deze bolvorm vanuit verschillende hoeken. Dit is de fundering voor jouw realistische portretten.

VIDEO: Portret tekenen voor beginners

De verhoudingen van het gezicht

De klassieke verhoudingen geven je een herkenbaar gezicht. Hoewel iedereen uniek is, houden de meeste gezichten zich aan een algemeen raster. Dit raster helpt je om de afstand tussen de ogen, de neus en de mond correct te plaatsen.

• Hoogte: De lijn van de wenkbrauwen ligt ongeveer halverwege de hoogte van het hoofd (van de kruin tot de kin).

• Ogen: Er past ongeveer één oogbreedte tussen de twee ogen.

• Neus: De onderkant van de neus bevindt zich ongeveer halverwege tussen de wenkbrauwen en de kin.

• Mond: De mondhoekjes liggen vaak op dezelfde verticale lijn als het midden van de pupil.

Gebruik lichte stippen en hulplijnen om deze verhoudingen vast te leggen. Wees niet bang om te meten met je potlood, dit is een beproefde techniek voor het vinden van de juiste proporties bij gezichten tekenen.

Van lijn naar vorm: het spel van licht en schaduw

Een platte schets wordt een gezicht wanneer je schaduwen toevoegt. Schaduw vertelt je brein dat iets driedimensionaal is. Dit is de stap waar veel mensen de meeste moeite mee hebben: het leren toepassen van schaduwen in portretten.

Het belang van de lichtbron

Kijk altijd eerst waar je licht vandaan komt. De lichtbron bepaalt alles: waar de highlights vallen en waar de diepste schaduwen liggen. Teken het liefst naar een object met een duidelijke, enkele lichtbron. Zo zie je de verschillende waardes (tonen) beter.

Verdere lectuur

We hebben enkele topbronnen over Gezichten tekenen met potlood: stap-voor-stap leren voor je op een rijtje gezet.

• Leer(boek) Portret Tekenen met Potlood door Deniz Ayhan

• Portret tekenen: De ultieme gids voor Beginners – Mandy Groot

De vijf waardes van schaduw

Om een vlakke vorm volume te geven, werk je met verschillende tonen. Visualiseer de volgende stappen:

• Highlight: Het helderste punt waar het licht direct op valt. Dit laat je wit.

• Midtoon: De algemene kleurtoon van het object.

• Core Shadow (kernschaduw): De donkerste plek op het object zelf, waar het licht het minst komt.

• Reflected Light (gereflecteerd licht): Een subtiele, lichtere rand aan de schaduwzijde, veroorzaakt door licht dat van de omgeving terugkaatst.

• Cast Shadow (geworpen schaduw): De schaduw die het object op het oppervlak werpt.

Oefen met het ‘blenden’ van deze overgangen. Gebruik zachte, overlappende cirkelvormige bewegingen met je zachte potloden (B-serie) om een gladde huidtextuur te verkrijgen. Dit is cruciaal voor het beheersen van tekenen van huidtinten met potlood.

Gedetailleerd werk: ogen, neus en mond

Nu je de structuur en de schaduwen onder de knie hebt, is het tijd voor de expressie. De ogen zijn vaak de focus van elk portret. Ze zijn de spiegels van de ziel, zeggen ze.

De ogen tekenen: meer dan alleen cirkels

Een oog is geen simpele amandelvorm. Het zit diep in de oogkas, omringd door vet en bot. De bovenste oogleden werpen altijd een lichte schaduw over de bovenkant van de iris. Vergeet de ‘catchlight’ niet – die kleine witte stip in de pupil. Dit ene detail zorgt direct voor leven en vochtigheid in het oog. Oefen met het tekenen van de oogvormen totdat je de diepte voelt.

De neus en mond

De neus is lastig omdat hij grotendeels uit vlakken bestaat. Vermijd het tekenen van harde contouren rond de neusvleugels of de neusbrug. Laat de vorm ontstaan door de schaduwen rondom de neus en de highlight op de neuspunt. Bij de mond zien we vaak de fout dat de lippen als twee rechte lijnen worden getekend. De bovenlip is meestal donkerder dan de onderlip, omdat deze vaak iets naar achteren ligt en minder direct licht ontvangt.

Het haar: textuur boven contour

Haar is geen massieve helm. Het bestaat uit duizenden losse strengen die samen een vorm creëren. Begin met het bepalen van de algemene vorm van het kapsel en de richting waarin het haar valt. Werk dan in secties. Teken niet elk haartje individueel. Concentreer je op de grote schaduwgroepen en de highlights die door het licht op de bovenzijde van de massa vallen. Dit geeft realistische haartextuur tekenen. Wil je het complete portret maken, inclusief de gelaatstrekken? Leer dan hoe je een gezicht kunt tekenen.

Veelgestelde vragen over gezichten tekenen met potlood

Je bent vast al met je potlood in de aanslag. Hier zijn nog wat snelle antwoorden op veelvoorkomende vragen die je tijdens dit proces kunt hebben.

Hoe leer ik de juiste proporties van een gezicht?

Bestudeer de klassieke richtlijnen voor de plaatsing van de ogen, neus en mond. Oefen door het hoofd op te delen in basisvormen zoals een bol en blokken, en meet de afstanden met je potlood om ze te vergelijken met je model of referentie.

Hoe krijg ik de huid er zacht en realistisch uit te zien?

Dit bereik je door te werken met lichte lagen grafiet en zachte overgangen. Gebruik zachte potloden (B-serie) en meng de tonen met zachte, kleine cirkelbewegingen. Vermijd harde lijnen, behalve waar scherpe contrasten nodig zijn, zoals bij een kaaklijn in sterk licht.

Wat is de beste manier om te oefenen met schaduwen?

Kies een ei of een simpele bol. Plaats deze onder een sterke lamp. Observeer waar de lichtbron valt en teken het object met alleen de vijf waardes van schaduw (highlight, midtoon, kernschaduw, gereflecteerd licht en geworpen schaduw). Dit versterkt jouw begrip van volume. Deze basisoefeningen zijn cruciaal voor complexere onderwerpen, zoals het gezicht tekenen in stappen.

Moet ik altijd een contourlijn tekenen om het gezicht af te bakenen?

Nee. Bij gevorderd portrettekenen ontstaat het gezicht vaak organisch door de contrasten tussen licht en donker. Te veel contourlijnen maken het werk plat. Laat de randen van het gezicht ‘verdwijnen’ in de achtergrond door de schaduwen daar zachter te maken.

Ontdek alle artikelen

Blader door alle onderwerpen en lees de volledige verzameling artikelen op één plek.

Alle artikelen